Achterbehandelingkast

Uit Imkerpedia
Ga naar: navigatie, zoeken
Achterbehandelingkast met de achterzijde dicht
Achterbehandelingkast met de achterzijde open
Achterbehandelingkast voorzijde
Achterbehandelingkast vliegplank met tafereel

Omschrijving

Woningen met achterbehandeling eisen een bijzondere stal, ze moeten een flink eind van de grond staan (anders moet je immers op je knieeën of gehurkt werken), daarom meestal in een paviljoen. Aan de achterkant is veel licht nodig. Er gaan echter veel kasten op een kleine ruimte. Zijn lastig voor plaatsing bij het reizen, omdat ze meestal aan de achterkant inregenen. Maar ook vele paviljoenkasten met bovenbehandeling hebben dit bezwaar. Kasten kunnen ook niet worden uitgebreid.

Kasten met achterbehandeling: Beu’s reiskast, Albertikast, Kuntzschkast en vele Duitse kasten.

Bij de koude bouw kan men de volkssterkte beoordelen en de honingvoorraad. Men kan echter aan de achterkant niet zien, waar de dikke stukken honing zitten. Het is dus moeilijk het gunstigste raampje uit te kie­zen. Kiest men er een, dat aan de voorkant een dikgedeelte bevat, dan schuurt dit in zijn volle lengte langs de andere ramen, beschadigt de honing, drukt de bijen dood, enz.

Achterbehandeling laat echter toe de broedkamer te inspecteren zonder de honingzolder aan te raken. Dit kan ook bij woningen met warme bouw.

Achterbehandeling bij koude bouw (Blatter­stocke) is veel gemakkelijker dan bij warme bouw. In dit laatste geval moet men alle raampjes met een tang vastpakken om bij het broednest te komen, achterste ramen eruit. Ook bij de Blatterstocke gebruikt men vaak een ratentang.

Datering

begin 1900 tot heden.

Voorkomen

Vaak in Duitsland.